02 juli 2020

2020-07-02: Kamercommissie Justitie en Veiligheid positief over gerichte aanpak antisemitisme - Parliamentary Committee J and V positive about targeted approach to anti-Semitism


Foto: CIDI

Nederlands - English

NEDERLANDS:

Vandaag heeft de vaste commissie voor Justitie en Veiligheid van de Tweede Kamer overlegd over de initiatiefnota voor een effectievere aanpak van antisemitisme. Begin vorig jaar dienden Dilan Yesilgöz-Zegerius (VVD) en Gert-Jan Segers (ChristenUnie) een reeks beleidsvoorstellen in, samen met een uitgebreide beschrijving van hoe het antisemitisme zich in Nederland vandaag de dag manifesteert. Hun initiatief kon vandaag op complimenten rekenen, zowel van andere fracties als van ministers Grapperhaus (Justitie en Veiligheid) en Koolmees (Sociale Zaken en Werkgelegenheid). 

Bron: CIDI

Antisemitismebestrijding is als een “lakmoesproef van onze beschaving”, aldus Segers. De Joodse gemeenschap in Nederland telt nog geen 50,000 mensen, toch houdt 41% van de aangiftes van discriminatie betrekking tot antisemitisme. “Als we als samenleving de Joodse gemeenschap niet kunnen beschermen, kunnen we niemand beschermen.”

Yesilgöz-Zegerius vertelt dat haar inbox vol loopt met antisemitische berichten, iedere keer dat ze zich als politica uitspreekt tegen Jodenhaat. Ze ziet grote problemen met mensen die op sociale media ongestoord hun antisemitisme kunnen ventileren. “We willen geen parallelle wereld online, waar je alles kunt zeggen wat hier niet kan.” 

Gerichte aanpak 

Een terugkerende vraag in het overleg is wat een gerichte aanpak van antisemitisme rechtvaardigt. Sommige commissieleden vrezen een uitzonderingspositie voor antisemitisme ten opzichte van andere vormen van discriminatie en haat, wat tot inconsistent beleid zou leiden. 

Jasper van Dijk (SP) zegt zich te kunnen vinden in de uitleg dat, naast de onevenredige druk op de Joodse gemeenschap waar Segers naar verwijst, antisemitisme bovendien voortkomt uit een unieke historie. Toch vreest hij een ongelijke behandeling, daar bijvoorbeeld het slavernijverleden van Nederland ook een unieke geschiedenis betreft, en tot vandaag zijn weerslag heeft op discriminatie en vooroordelen. 

Segers zegt dat de twee zaken elkaar niet uitsluiten. Volgens hem kan alleen recht worden gedaan aan slachtoffers van discriminatie door problemen specifiek te benoemen, in dit geval antisemitisme. Het overheidsbeleid heeft in het verleden eigenlijk alleen discriminatie als algemene noemer gebruikt, waar uiteindelijk juist niemand mee geholpen is. De initiatiefnota voor een effectievere aanpak van antisemitisme moet hiermee een trendbreuk zijn, zonder andere vormen van discriminatie uit het oog te verliezen. “Je moet nooit verschillende soorten leed tegen elkaar laten uitspelen.” 

Ook Roelof Bisschop (SGP) deelt de wens voor een gerichtere aanpak, en vindt dat Nederland op dit moment achterloopt op andere landen wat betreft antisemitismebestrijding. De Nederlandse overheid heeft nog geen coördinator voor beleid tegen antisemitisme, en een motie die politie en OM verzoekt de IHRA-werkdefinitie van antisemitisme te hanteren, is nauwelijks zichtbaar geïmplementeerd. De urgentie is welkom, en tegelijk “beslist geen luxe”, aldus Bisschop. 

Nationaal coördinator 

Het voor een bepaalde periode aanstellen van een Nationaal Coördinator Antisemitismebestrijding is een van de voorstellen van de initiatiefnemers. Omdat een betere aanpak veel verschillende beleidsterreinen en bestuurslagen zou omvatten (denk aan beter onderwijs, maar ook de bestrijding van antisemitisme in het voetbal, of het verbeteren van het aangifteproces), kan een expert in dit ambt aanbevelingen voor een blijvende aanpak aandragen. 

Minister Grapperhaus heeft laten doorschemeren in dit specifieke voorstel geen heil te zien. Minister Koolmees (D66) vreest dat een vergelijking tussen soorten leed hiermee juist niet vermeden zou worden. Zijn partijgenoot Jan Paternotte wijst op het advies van het College van de Rechten van de Mens om een coördinator aan te stellen voor discriminatie in het algemeen, juist om een rangorde te vermijden. 

Onderwijs en justitie 

Paternotte zegt zich wel te kunnen vinden in een gerichte aanpak van antisemitisme, en noemt rechercheurs gespecialiseerd op discriminatie als mogelijke bijdrage. Dit is in lijn met aanbevelingen CIDI en het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) om de zorgwekkend lage aangiftebereidheid te verbeteren. Yesilgöz-Zegerius benadrukt dat juist iedere agent antisemitisme moet kunnen herkennen, zodat de politie voor de burger altijd aanspreekbaar is. 

Naast justitie en de functie van een coördinator, hebben veel beslispunten uit de initiatiefnota betrekking tot het onderwijs. De preventieve werking van goed onderwijs, bijvoorbeeld in burgerschap en geschiedenis, is voor de deelnemers aan het debat weinig controversieel. Hierbij is ook ter sprake gekomen dat Joden niet alleen als slachtoffer genoemd moeten worden (bijvoorbeeld in lessen over de Holocaust), maar dat dat ook geldt voor de veerkracht van de Joodse gemeenschap en haar bijdrage aan de Nederlandse geschiedenis. 

Vervolgstappen 

Als volgende stap zullen beslispunten in de initiatiefnota tot stemming worden gebracht in de Tweede Kamer. Het overleg van vandaag is hiervoor een uitgangspunt, aangezien de partijen ruimschoots gelegenheid hebben gekregen om vragen te stellen en opmerkingen in te brengen. 

Naar verwachting zijn de partijen na het overleg eensgezind over de meeste beslispunten uit de initiatiefnota. “Antisemitisme komt in alle kringen voor, en daarom zijn wij bondgenoten in deze strijd”, zo merkte Attje Kuiken (PvdA) op. Het aannemen van de initiatiefnota voor een effectievere, gerichte aanpak zou een overwinning zijn tegen antisemitisme en een belangrijke stap richting tegen discriminatie in het algemeen. 

Een aantal partijen was tijdens het overleg van vandaag afwezig. DENK, PvdD, FVD, 50PLUS en Groep Krol/van Kooten-Arissen hebben allen geen vertegenwoordiger gestuurd. De meesten daarvan hebben ook in eerdere, schriftelijke overlegrondes geen inbreng gegeven. 

De opnames van het overleg zijn nog niet door de Tweede Kamer gepubliceerd. Zodra deze toegankelijk is, zal CIDI op deze pagina een koppeling plaatsen om het debat terug te kunnen luisteren.



*************************
ENGLISH:

Today, the standing committee for Justice and Security of the House of Representatives discussed the initiative note for a more effective approach to anti-Semitism. Early last year, Dilan Yesilgöz-Zegerius (VVD) and Gert-Jan Segers (ChristenUnie) submitted a series of policy proposals, together with a detailed description of how anti-Semitism manifests itself in the Netherlands today. Their initiative received praise today, from other groups as well as from Ministers Grapperhaus (Justice and Security) and Great Tit (Social Affairs and Employment).

Source: CIDI

Anti-Semitism is like a “litmus test of our civilization,” Segers said. The Jewish community in the Netherlands has less than 50,000 people, yet 41% of the reports of discrimination are related to anti-Semitism. "If we as a society cannot protect the Jewish community, we cannot protect anyone."

Yesilgöz-Zegerius says that her inbox is filled with anti-Semitic messages every time she speaks out against Jew-hatred as a politician. She sees major problems with people who can ventilate their anti-Semitism undisturbed on social media. "We don't want a parallel world online, where you can say everything you can't here."

Targeted approach

A recurring question in the consultation is what justifies a targeted approach to anti-Semitism. Some committee members fear an exception for anti-Semitism over other forms of discrimination and hatred, which would lead to inconsistent policies.

Jasper van Dijk (SP) says he can agree with the explanation that, in addition to the disproportionate pressure on the Jewish community that Segers refers to, anti-Semitism also stems from a unique history. However, he fears unequal treatment, since the slavery past of the Netherlands, for example, also has a unique history, and until today it has had repercussions on discrimination and prejudice.

Segers says the two things are not mutually exclusive. According to him, justice can only be done to victims of discrimination by specifically naming problems, in this case anti-Semitism. In the past, government policy has actually only used discrimination as a general denominator, which ultimately does not help anyone. The initiative note for a more effective approach to anti-Semitism should be a break in the trend, without losing sight of other forms of discrimination. "You should never let different kinds of suffering play out against each other."

Roelof Bisschop (SGP) also shares the wish for a more targeted approach, and believes that the Netherlands is currently behind other countries in terms of combating anti-Semitism. The Dutch government does not yet have a coordinator for policy against anti-Semitism, and a motion requesting the police and the Public Prosecution Service to use the IHRA working definition of anti-Semitism has hardly been implemented. Urgency is welcome, and at the same time “certainly not a luxury”, according to Bishop.

National coordinator

The appointment of a National Coordinator for Anti-Semitism for a specific period is one of the initiators' proposals. Because a better approach would cover many different policy areas and levels of government (think of better education, but also the fight against anti-Semitism in football, or the improvement of the reporting process), an expert in this position can propose recommendations for a lasting approach.

Minister Grapperhaus has hinted that there is no point in this specific proposal. Minister Koolmees (D66) fears that this would not avoid a comparison between types of suffering. His party member Jan Paternotte points to the advice of the College of Human Rights to appoint a coordinator for discrimination in general, precisely to avoid ranking.

Education and justice

Paternotte says he can agree with a targeted approach to anti-Semitism, and he calls investigators specialized on discrimination as a possible contribution. This is in line with recommendations from CIDI and the Scientific Research and Documentation Center (WODC) to improve the worryingly low willingness to report. Yesilgöz-Zegerius emphasizes that every agent must be able to recognize anti-Semitism, so that the police can always be approached by the citizen.

In addition to justice and the function of a coordinator, many decision points from the initiative note relate to education. The preventive effect of good education, for example in citizenship and history, is not controversial for the participants in the debate. It has also been mentioned that Jews should not only be mentioned as victims (for example in lessons about the Holocaust), but that this also applies to the resilience of the Jewish community and its contribution to Dutch history.

Next steps

As a next step, decision points in the initiative note will be put to the vote in the House of Representatives. Today's consultations are a starting point for this, since the parties have had ample opportunity to ask questions and make comments.

After the consultations, the parties are expected to be unanimous on most of the decision points from the own-initiative note. "Anti-Semitism is widespread in all circles, which is why we are allies in this battle," Attje Kuiken (PvdA) noted. Adopting the own-initiative note for a more effective and targeted approach would be a victory against anti-Semitism and an important step towards discrimination in general.

A number of parties were absent during today's consultation. DENK, PvdD, FVD, 50PLUS and Groep Krol / van Kooten-Arissen have not sent a representative. Most of them also did not provide input in previous written consultations.

The recordings of the consultation have not yet been published by the House of Representatives. As soon as it is accessible, CIDI will place a link on this page to listen to the debate.


google translate