2019-08-07: Nederland investeert wederom in Israelisch-Palestijnse coëxistentie - The Netherlands is again investing in Israeli-Palestinian coexistence

Nederlands - English

NEDERLANDS:

Het Nederlandse ministerie van Buitenlandse Zaken investeerde in 2018 circa een half miljoen euro in Israelisch-Palestijnse verzoeningsprojecten. De investering volgt uit een in 2014 aangenomen amendement van Joël Voordewind (CU) en Kees van der Staaij (SGP), dat door het nieuwe kabinet werd overgenomen als staand kabinetsbeleid.

Bron: CIDI - Afbeelding: Remco van de Pol.

Dat blijkt uit een brief die CIDI na een beroep op de Wet openbaarheid bestuur (Wob) in bezit kreeg. Om welke organisaties en projecten het precies gaat is onbekend: vanwege de veiligheid van de deelnemers kan dit volgens het ministerie niet openbaar worden gemaakt.

Dialogen
“Dit amendement, aangenomen tijdens de vaststelling van de begrotingsstaten van het ministerie van Buitenlandse Zaken voor het jaar 2015, verzocht het kabinet om middelen beschikbaar te stellen voor projecten die samenwerking en verzoening van onderop bevorderen in het Midden-Oosten. Het kabinet heeft in de daaropvolgende jaren deze inzet overgenomen als staand kabinetsbeleid, en stelt jaarlijks middelen beschikbaar voor deze verzoeningsprojecten”, aldus het ministerie.

“Deze initiatieven brengen Israeliers en Palestijnen met elkaar in contact middels dialogen en andersoortige interventies, met als doel het onderlinge begrip te bevorderen en zo de kans op vrede te vergroten.” Dit doel is tevens opgenomen in het regeerakkoord van het kabinet-Rutte III. CIDI had de formerende partijen eerder per brief opgeroepen om dergelijke vredesinitiatieven te ondersteunen, en juicht de aanhoudende steun dan ook van harte toe.

‘Diverse projecten vertrouwelijk’
Om precies te zijn investeerde het kabinet vorig jaar 489.151 euro in coëxistentieprojecten. Welke initiatieven kunnen rekenen op steun van de Nederlandse regering, wordt niet openbaar gemaakt. In de Mensenrechtenrapportage 2018 rubriceerde het ministerie de subsidies al onder ‘diverse projecten vertrouwelijk’. In reactie op CIDI’s Wob-verzoek laat Buitenlandse Zaken weten de details niet openbaar te maken: openbaarmaking zou de projecten in kwestie kunnen schaden.

“De organisaties waar uw verzoek betrekking op heeft – organisaties die door het kabinet worden gesteund bij hun inzet om Israeliers en Palestijnen met elkaar te verzoenen en zo de kans op ‘vrede van onderop’ te vergroten – hebben het kabinet verzocht om de steun vertrouwelijk te behandelen”, schrijft het ministerie. “Niet alleen om de kans op vruchtbare verzoeningsdialogen te vergroten door de kans te verkleinen dat het initiatief te maken krijgt met negatieve publiciteit, maar ook om de veiligheid van de Israelische en Palestijnse deelnemers en de faciliterende rechtspersonen te borgen.”

Wel gingen diverse leden van de Tweede Kamer, waaronder Joël Voordewind en Martijn van Helvert (CDA), al op bezoek bij de projecten in Israel en de Palestijnse gebieden.

Represailles
Dat Palestijnen die welwillend staan tegenover coëxistentie met Israelische Joden last kunnen krijgen van represailles, werd deze week opnieuw pijnlijk duidelijk. Woensdag kreeg een Palestijn, die de levens van twee Israelische kinderen (14 en 15) wist te redden na een terreuraanslag, uit noodzaak een permanente verblijfsvergunning in Israel. Nadat hij in 2016 de terreurslachtoffers uit hun autowrak hielp en eerste hulp verleende, kreeg de man te maken met doodsbedreigingen van andere Palestijnen. Ook raakte hij zijn baan bij de Palestijnse Autoriteit kwijt.

Het is slechts één van de talloze voorbeelden. Begin juni werd ook al een PA-burgemeester ontslagen omdat inwoners van een nabijgelegen nederzetting de bruiloft van zijn zoon bezochten. Vorige maand viel de Palestijnse Autoriteit het huis van een Palestijnse zakenman binnen vanwege zijn deelname aan Trump’s economische vredesconferentie in Bahrein. Zijn paspoort en creditcards werden ingenomen. Volgens de PA is vreedzame coëxistentie ongewenst, omdat dit zou leiden tot de ‘normalisatie’ van Israels bestaan.

_________________________
ENGLISH:

In 2018, the Dutch Ministry of Foreign Affairs invested around half a million euros in Israeli-Palestinian reconciliation projects. The investment follows from an amendment adopted in 2014 by Joël Voordewind (CU) and Kees van der Staaij (SGP), which was adopted by the new cabinet as a standing cabinet policy.

Source: CIDI - Image: Remco van de Pol.

This is evident from a letter that CIDI received after invoking the Public Access Act (Wob). It is not known exactly which organizations and projects are involved: according to the safety of the participants, this cannot be made public according to the ministry.

Dialogues
“This amendment, adopted during the adoption of the budget statements of the Ministry of Foreign Affairs for 2015, asked the government to make funds available for projects that promote bottom-up cooperation and reconciliation in the Middle East. In the following years, the government took over this commitment as a standing government policy, and makes resources available for these reconciliation projects every year, "the ministry said.

"These initiatives bring Israelis and Palestinians into contact with each other through dialogues and other interventions, with the aim of promoting mutual understanding and thus increasing the chance of peace." This goal is also included in the coalition agreement of the Rutte III Cabinet. . CIDI had previously called on the formative parties to support such peace initiatives, and therefore warmly welcomes the continued support.

"Various projects confidential"
To be precise, last year the government invested 489,151 euros in coexistence projects. Which initiatives can count on support from the Dutch government is not made public. In the Human Rights Report 2018, the Ministry already classified the subsidies under "various projects confidentially". In response to CIDI's Wob request, Foreign Affairs announced that it would not disclose the details: disclosure could harm the projects in question.

“The organizations to which your request relates - organizations supported by the government in their efforts to reconcile Israelis and Palestinians and thus increase the chance of 'peace from below' - have asked the government to keep the support confidential. treat ”, the ministry writes. "Not only to increase the chance of fruitful reconciliation dialogues by reducing the likelihood of the initiative dealing with negative publicity, but also to ensure the safety of Israeli and Palestinian participants and the facilitating legal entities."

Various members of the House of Representatives, including Joël Voordewind and Martijn van Helvert (CDA), did already visit the projects in Israel and the Palestinian territories.

Reprisals
It was painfully clear again this week that Palestinians who are sympathetic to coexistence with Israeli Jews may suffer from reprisals. On Wednesday, a Palestinian, who managed to save the lives of two Israeli children (14 and 15) after a terrorist attack, was given a permanent residence permit in Israel. After he helped the terror victims from their car wreck in 2016 and provided first aid, the man was confronted with death threats from other Palestinians. He also lost his job with the Palestinian Authority.

It is just one of the countless examples. A PA mayor was also dismissed at the beginning of June because residents of a nearby settlement attended his son's wedding. Last month, the Palestinian Authority invaded the home of a Palestinian businessman because of his participation in Trump’s economic peace conference in Bahrain. His passport and credit cards were taken. According to the PA, peaceful coexistence is undesirable because it would lead to the "normalization" of Israel's existence.

(Google Translate)


29 views